Iran: wat de media verzwijgen

VS-Iran: Overval op nucleaire brandstofmarkt

Israël van de kaart vegen?

Afghanistan en 11 september

Pijpleidingen naar 11 september

Dollars???

Kosten, misbruik en gevaren van de dollar

Iraq Memorial

Uw geld???

Geheimen van geld, rente en inflatie

Debet, credit, banco!

Op weg naar een gezonde economie

Bankcrisis? Hervorming!

Afscheid van de groei

Wereldbevolking en energie

Energie-crisis:

Keerpunt van de mensheid

 

Links naar organisaties

Verenigde Naties

Wereld Handels Organisatie

Links naar verdragen

Verdrag van de Rechten van de Mens

Non-Proliferatie Verdrag

Wie publiceert artikelen van de Hofnar?

24h Gold

321 Energy

Alexander's Gas and Oil

Aljazeera Com

Aljazeera Info

Alter Info

Altra Informazione

American Chronicle

Andalous.ma

Anovis Anophelis

Apocalypse Total

Aquarius Age

Argusoog

Arianna Editrice.it

Atlas Vista Maroc

Baltimore Chronicle

Beaujarret 50'z

Bernard Sady

Bullion Management Group

Cantv

CASMII

CawAilleurs

Come Don Chisciotte

Counter Currents

Crise Systémique Globale

Cross-Cultural Understanding

Daily Times

Dandelion Salad

De Waarheid Nu

Democratische Partij v Solidariteit

Digitale Stad Eindhoven

Dire Giovani

Dissident News

Dit kan niet waar zijn.eu

Dolezite.sk

Double Standards

Dove sono le ragazze

Economics Kiev /  

Мировая и рыночная

экономика - Статьи и книги

Edelmetaal.Info

Educate Yourself

Égalité & Réconciliation

Élections Algérie

Elkhadra

Enrico Sabatino

Europe 2020

Fai te

Ferra Mula

Finanza Online

Focus στην Οικονομία

Francisco Trindade

Free Minds

Future Fast Forward

Geen Flauwekul

Gest Credit

Gino Salvi

Global Echo

Global Order

Global Research

Global Systemic Crisis

Grioo

Het echte nieuws.be

Hidden Mysteries

Ho visto cose che voi umani

Hubbert Peak

Iceberg Finanza

Information Clearing House

Intellezione

Investors Hub

Iran Blog

Iran Daily

Iran File

Islam City

Jose Joa Net

Journaux de Guerre

Kanie Tistory

L'Observatoire de l'Immo

Le Blog d'Eva

Le Metropole Cafe

Le Monde du Sud

Le Post

Libera Mente Servo

Market Oracle co.uk

MasterNewMedia

Mathaba News

Max 1967

Maxi News

Melochi

Mens en Politiek

Mercato Libero News

Mga Diskurso ni Doy

Middle East Online

Mondialisation Ca

Money Files

Natural Money

Newropeans Magazine

News Follow Up

Niburu

Nieuws-Flash

Notizie Libere

Novusordoseclorum

NucNews

NuJij.nl

Oil Crisis

Onderzoek 9/11

Pakistan News Service

Palestine - Solidarité

PCF Bassin

Peace by Truth

Philippe Vedovati

Planeta Caos

Planete Non Violence

Politics & Current Affairs

Pragmatic Economist

Pravda / Правда

Project for the Old American Century

Raise the Hammer

Ravage Digitaal

Rayven

Real Wealth Society

Recuperare Credito

Resistir Info

Siddharth Varadarajan

Sociale Driegeleding

Sociologias

Soutenir l'Afghanistan

Spraakloos

Star People

Studien von Zeitfragen

The Movement

The People's Forum

The Pragmatic Economist

Toine van Bergen

Top-débats.info

Transatlantic Information Exchange System

Transcom Se

Truth Spring

Truth Move 9/11

Uitpers

Uruknet Info

Veterans for America

Viewzone Magazine

Voy Com

Vrijspreker

Wake Up From Your Slumber

Want to know .nl

What really happened

World Prout Assembly

 

Bedankjes voor vertalingen:

Alter Info

Carlo Pappalardo

Come Don Chisciotte

Ivan Boyadjhiev

Jose Joaquin

Manuel Valente Lopes

Resistir Info

 

Gebruik Court Fool logo

Logos voor je website

 

 

               

 

Debet, credit, banco!

Rudo de Ruijter,
Nederland
 

In “Geheimen van geld, rente en inflatie” [1] heb ik veel dingen over de banken verklapt. Toch hadden veel lezers nog vragen over de manier waarop banken geld maken. Dat is niet zo verwonderlijk, want dat is inderdaad iets waar je oren van gaan klapperen. Sommige mensen kunnen het niet geloven. Zoiets kan toch niet?

In dit artikel gaan we dat geld maken haarfijn uit de doeken doen. Voor de duidelijkheid, banken maken wel geld, maar geen bankbiljetten. Alleen de centrale bank mag bankbiljetten drukken. Gewone banken doen het simpeler. Die maken geld door getalletjes op bankrekeningen in te typen en lenen dat uit. En op dat uitgeleende geld innen ze rente. Zo wordt de bank rijk.

Bankieren is dus een leuk spel. Maar zoals bij elk spel, gelden er wel spelregels. Die worden bepaald door de centrale bank. Dat wil niet zeggen, dat alles dan altijd gladjes verloopt. Dat het soms flink fout kan gaan, zien we aan de huidige kredietcrisis. Daar komen we zo nog op terug.

Maar laten we eens kijken hoe het bankieren in z’n werk gaat. Bankieren is vooral een kwestie van boekhouden. Ik vind boekhouden saai, dus ik laat alleen de leuke dingen zien. Hier zie je eerst even een voorbeeld van de boekhouding van een bank, om precies te zijn, van de balans. Om het eenvoudig te houden heb ik er niet alles op gezet. Aan de linker kant, de debet kant, staat wat de bank heeft, de bezittingen. Bij een bank noemen ze dat activa. Aan de rechter kant, de credit kant, staat wat de bank verschuldigd is aan anderen. Dat zijn de passiva. Aan deze kant vind je ook wat verschuldigd is aan de eigenaren van de bank, het Eigen vermogen, ook wel Kapitaal genoemd. Wanneer je van alle bezittingen alle schulden aftrekt, dan hou je het Eigen Vermogen over.

(Bij een bank zijn de getallen zo groot, dat op de balans de laatste drie cijfers meestal worden weggelaten. Je moet dan alle getallen met 1000 vermenigvuldigen.)

Nu gaan we de bankier eens aan het werk zetten en kijken hoe hij dat allemaal doet. Het is niet nodig aldoor de hele balans te zien. We zullen telkens het stukje bekijken met wat er verandert. Voor het gemak gaat het hier om kleine bedragen. In het echt zijn ze veel groter. Ook zullen we de belangrijkste spelregels bespreken. We beginnen eenvoudig.

Bank neemt bankbiljetten in bewaring

Jan heeft 1000 euro aan bankbiljetten en brengt die naar de bank. De bankier zegt “dank u wel” en schrijft de 1000 euro op de balans bij de bezittingen van de bank. Bankbiljetten in kas, + 1000 euro. Maar de bank zal het geld ook een keer terug moeten betalen. De bank heeft dus ook een schuld aan Jan. De bankier schrijft bij de schulden van de bank: Betaalrekening Jan: + 1000 euro.

Zo komen veel klanten hun geld op de bank zetten. Uit ervaring weet de bank, dat veel klanten het meeste geld voor langere tijd op de bank laten staan. Dagelijks gaat er weliswaar wat vanaf, maar komt er ook weer bij. De bank heeft dus meer bankbiljetten in kas dan ze dagelijks nodig heeft.

De bank gaat nu de bankbiljetten die ze niet dagelijks nodig heeft gebruiken om een lening te verstrekken. Daarmee kan ze immers rente innen. En hoe meer ze uitleent, hoe meer rente ze int. Maar ze moet er wel voor zorgen, dat ze genoeg in kas houdt, voor het geval Jan op komt dagen om geld op te nemen. En als Jan niet komt, dan komen er beslist wel andere klanten geld opnemen. Hoeveel moet de bank nu in kas houden? Wel, dat wordt in de meeste landen door de centrale bank bepaald. Bij voorbeeld in de VS: [2] “voor al het geld op de betaalrekeningen moet de bank minstens 10% kasreserve hebben.” Dus, van de 1000 euro van Jan, mag de bank 900 euro uitlenen. (In Europa varieert de liquiditeit per land, van ongeveer 2% tot 25% [3])

Bank leent bankbiljetten uit

Piet wil een laptop kopen en vraagt een lening van 850 euro. De bank leent Piet 850 euro in bankbiljetten. De klanten die geld lenen komen onder debiteuren te staan (zij staan in de schuld van de bank = de bank heeft vorderingen op hen)

Hé, hoe kan dat nou? Er was eerst maar 1.000 euro en nu heeft Jan 1.000 euro en Piet heeft 850 euro. Ja, zo worden we bij de neus genomen. De bankier tovert die 850 euro gewoon uit zijn hoed. Jan heeft nog gewoon zijn 1.000 euro op z’n rekening staan en Piet heeft nu 850 euro waar hij rente over moet betalen. Debet, credit, banco!

Dit is dus het geheim van de bankier. Je leent geld uit en doet alsof je het nog steeds hebt!

Nu hoef je je bankier niet boos aan te kijken. Die manier van bankieren is historisch gegroeid. Eigenlijk komt die voort uit de tijd van de goudsmid. Er waren toen nog geen bankbiljetten, maar bewijsjes voor goudstukken, die gebruikt werden als bankbiljetten. De goudsmid verstrekte leningen in de vorm van bewijsjes. Het geheim van de smid was, dat hij meer bewijsjes uitgaf dan hij goud had.

De goudsmid

In de tijd, dat de mensen nog met gouden munten betaalden, gaven veel mensen deze munten in bewaring bij de goudsmid en betaalden hem daarvoor een kleine vergoeding. Hij was toendertijd de enige die een veilige kluis had. De mensen kregen van de goudsmid een ontvangstbewijsje, waarmee ze hun goud later weer op konden halen. Maar de mensen gingen die ontvangstbewijsjes gebruiken om mee te betalen. Dan hoefde je niet met je goudstukken over straat. Wie zo’n bewijsje ontving kon de goudstukken immers bij de goudsmid ophalen, als je dat wilde. Met het bewaren van goudstukken werd de goudsmid slapend rijk.

Ook kwamen er steeds vaker mensen geld van hem lenen. Maar in plaats van goudstukken mee te nemen, lieten ze die liever in de kluis liggen en vroegen daarvoor in de plaats een bewijsje. Voor de lening ontving de goudsmid rente. Aanvankelijk leende hij alleen zijn eigen goudstukken uit. (Dat wil zeggen: hij leende bewijsjes uit met zijn eigen goud als onderpand.) Maar toen er steeds meer mensen geld van hem wilden lenen, begon hij te steggelen. Hij begon bewijsjes uit te lenen van goudstukken, die zijn klanten in bewaring hadden gegeven. En die hadden voor hetzelfde goud al een bewijsje gekregen. De goudsmid leende zo steeds meer bewijsjes uit en inde steeds meer rente. En zolang er maar niet te veel mensen tegelijk hun bewijsjes tegen goudstukken wilden inwisselen, merkte niemand daar wat van.

Lege kluis

Zo gaat het nu nog steeds. Iedereen heeft bedragen op zijn betaalrekening staan en zolang er maar niet teveel mensen tegelijk hun geld op komen eisen, dan merkt niemand, dat de kluis zo goed als leeg is. Bijna al het geld is uitgeleend. Veel mensen denken nog steeds, dat de bank rijk is en haar eigen geld uitleent. Nee dus, de bank zelf heeft daarvoor geen geld. De bank leent altijd het geld van de andere klanten uit.

Door die bijna lege kluis dreigt natuurlijk altijd het gevaar, dat de bank niet genoeg geld heeft om de nodige betalingen te doen. Zoals ze dat in de kredietcrisis zo mooi zeggen, de bank heeft dan een liquiditeitsprobleem. Daarover later meer.

Met de tovertruc geld vermenigvuldigen

Onze Voorbeeld Bank heeft dus dank zij de storting van 1.000 euro van Jan, 850 euro bijgemaakt om uit te lenen aan Piet. Laten we eens kijken, wat met die 850 euro gebeurt. Piet koopt een laptop en de winkelier brengt de 850 euro naar zijn bank, Bank B. De bankier zegt “dank u wel” en schrijft de 850 euro op de balans bij de bezittingen van de bank. Bankbiljetten in kas, + 850 euro. Maar de bank zal het geld ook een keer terug moeten betalen. De bank heeft dus ook een schuld aan de winkelier. De bankier schrijft bij de schulden van de bank: Betaalrekening  Computerwinkel: + 850 euro.

Bank B. moet minstens 10% kasreserve aanhouden voor de 850 euro die er op de betaalrekening is bijgekomen. Dat is 85 euro. Van de 850 euro kan Bank B dus maximaal 765 euro uitlenen. Bank B leent 750 euro aan Wim, die er een fiets mee koopt. De fietsenhandelaar brengt de 750 euro naar Bank C. Van de 750 euro kan bank C maximaal 675 euro uitlenen. En zo gaat het verhaal maar door met telkens iets kleinere bedragen.

Zo gaan de bankbiljetten van Jan achteréénvolgens naar de Voorbeeld Bank, naar de computerwinkel, naar Bank B, naar de fietsenhandel, naar bank C en zo verder. En elke bankier die de bankbiljetten maar even in z’n vingers krijgt kan er weer een nieuwe lening bij maken. En uiteindelijk kunnen de 1000 euro van Jan aanleiding vormen voor heel veel nieuwe leningen, verspreid over heel veel banken, die daar heel veel rente mee innen.

Alle banken samen

Wanneer alle banken het maximum uit zouden lenen wat ze mogen uitlenen, dan had onze Voorbeeld Bank 900 euro uitgeleend, de volgende bank 90% van 900 = 810, de volgende 90% van 810 = 729 enz. en zouden de banken samen met de 1.000 euro van Jan 9.000 euro aan leningen kunnen verstrekken! Gelukkig lukt dat de banken tot nu toe nog niet. Daar zou heel veel tijd voor nodig zijn en de gemiddelde lening duurt niet zo lang. En wanneer een lening afbetaald wordt, verdwijnt het bedrag weer van de balans. Maar ook als ze de 1.000 euro van Jan maar enkele keren weten te vermenigvuldigen, krijgen ze daarmee dus meerdere keren rente. Jan zelf heeft een betaalrekening en krijgt daar niks van. Hij moet zelfs kosten betalen voor overschrijvingskaarten en bankpasjes.

(Het maximum van 9.000 euro geldt bij een kasreserve van 10%. Bij een kasreserve van 2% is dat 49.000 euro!)

Jongleren met betalingen

Maar als de bank het geld op de betaalrekeningen niet heeft, dan kan ze er toch ook niet mee betalen? Dan is het toch geen geld? Dat klopt. Van de 1000 euro van Jan zijn bij onze Voorbeeld bank nog maar 150 euro over en bij bank B. 100 euro. Een bank zou dus nooit het totaal van alle bedragen op de betaalrekeningen in één keer uit kunnen betalen als de rekeninghouders opdracht zouden geven om het op rekeningen van andere banken te storten of om het contant uit te betalen. Als dat geld echt bestond, dan zou de bank dat natuurlijk wel kunnen. De bank heeft voor al die bedragen op de betaalrekeningen maar een klein beetje echt geld, waarmee ze de betaalopdrachten van haar klanten uit kan voeren. Dat is het beetje wat ze niet uitgeleend heeft, de kasreserve.

En wanneer de bank dat kleine beetje echte geld gebruikt heeft om voor haar rekeninghouders betalingen te doen aan rekeninghouders bij andere banken, wat dan?

Dan komen er wel weer betalingen binnen, die rekeninghouders van andere banken doen aan rekeninghouders van onze bank. En onze bank gebruikt dat beetje dan weer om de volgende betalingsopdrachten uit te voeren.

Dus wanneer Jan 30 euro wil betalen aan iemand bij een andere bank, boekt onze bank 30 euro over uit haar kasreserve. En dan komt er wel weer een betaling binnen uit de kasreserve van een andere bank, waarmee de kasreserve van onze bank weer aangevuld wordt. En zo kunnen de banken doorlopend relatief kleine bedragen aan elkaar overboeken. En wanneer de banken dat geld maar vlug genoeg heen en weer boeken, dan kunnen daar heel veel betalingen mee verricht worden.

In feite lijkt het dus net alsof de bankiers gigantisch veel geld hebben, maar is het in werkelijkheid telkens het kleine beetje uit hun kasreserve dat tussen de banken heen en weer gaat en waarmee de betalingen verricht worden. Maar bij echte banken met vele duizenden klanten is dat kleine beetje kasreserve nog een flink bedrag. Daarmee kunnen ze meestal zonder problemen ook hele grote bedragen van de ene naar de andere bank overboeken.

Giraal geld

Tot nu toe hebben we alle boekingen met bankbiljetten gedaan. Maar wanneer banken elkaar telkens met bankbiljetten moeten betalen, is dat niet zo praktisch. Die bankbiljetten zouden dan de hele tijd in gepantserde vrachtwagentjes van de ene naar de andere bank gereden moeten worden. Dat gaat tegenwoordig handiger. De banken kunnen hun bankbiljetten bij de centrale bank inwisselen tegen een tegoed. De centrale bank heeft van elke bank een rekening met het tegoed. En als de ene bank geld wil betalen aan een andere bank, dan boekt de centrale bank dit van het tegoed van de ene bank naar het tegoed van de andere bank.

Omdat de meeste betalingen worden gedaan met overboekingen, houden de banken maar weinig bankbiljetten in de kasreserve en bestaat het grootste gedeelte van de kasreserve uit een tegoed bij de centrale bank. Ook wanneer onze Voorbeeld Bank 50 euro leent van een andere bank, komt dit bij de kasreserve. (Kasreserve = 120 + 50 = 170)

En wanneer je geld leent bij een bank, dan krijg je tegenwoordig geen bankbiljetten mee naar huis, maar wordt het op je betaalrekening bijgeschreven. En zolang jij dat niet uitgegeven hebt, wordt de kasreserve van de bank niet kleiner. (Dat gebeurt pas als je het geld overboekt naar iemand die een rekening heeft bij een andere bank of wanneer je contant geld opneemt.)

Leningen

Wanneer banken geld uitlenen, lopen ze meestal een zeker risico, dat de lening niet (of niet helemaal) terugbetaald wordt. Daarom vragen de banken gewoonlijk een onderpand. Wanneer je geld voor een auto leent, en je betaalt niet terug, dan neemt de bank je auto in beslag, verkoopt hem en met de opbrengst wordt de uitstaande lening terug betaald. En als dat niet voldoende is, hou je nog een schuld aan de bank. Maar als je niet kunt betalen, dan moet de bank het restant van de lening uiteindelijk afschrijven. En als dat te vaak gebeurt, komt niet alleen de bank in problemen, maar ook de klanten die geld van de bank tegoed hebben.

We komen nu bij de tweede belangrijke spelregel. Banken moeten een Eigen Vermogen hebben dat minstens even groot is als 8% van de uitstaande leningen. [4] Anders gezegd, voor elke 8 euro Eigen Vermogen, mag de bank 100 euro uitlenen. Maar bij sommige leningen, zoals hypotheekleningen, mogen ze met hetzelfde Eigen Vermogen dubbel zoveel uitlenen en dus dubbel zoveel rente vangen. Geen wonder dus, dat banken die hypotheekleningen graag verstrekken. (Alhoewel dat nu, eind 2008, eventjes problematisch is.) Voor leningen aan de staat geldt de 8% regel niet. De staat kan immers altijd belasting heffen om de bank terug te betalen.

Dus, voor de lening aan Piet, moet onze Voorbeeld Bank ook aan die eis voldoen. (Solvabiliteits-eis.) Voor de lening van 850 euro moet de bank dus 8% van 850 =  68 euro Eigen Vermogen hebben. In ons voorbeeld heeft de bank 110 euro, dus dat is voldoende.

 Wanneer Piet elke maand 100 euro afbetaalt, komt er 100 euro in de kas en vermindert het bedrag bij Debiteur Piet met 100 euro

Maar wanneer Piet de laatste 50 euro niet terug zou betalen, dan moet de bank die laatste 50 euro afschrijven. Dan komt er niets in de kas, en vermindert Debiteur Piet toch met 50 euro. En dat betekent dat het totaal (hier de 1.130 euro) met 50 euro vermindert, en dat betekent weer dat het Eigen Vermogen van de bank met 50 euro vermindert. En als de bank naast de lening van Piet, nog andere leningen verstrekt had, dan had het zo maar kunnen gebeuren, dat de bank onvoldoende solvabel was geworden.

Debet, credit, crisis

Dat gebeurde in de Verenigde Staten, toen vooral armere mensen tegen hele lage rente hypotheken hadden gekregen, maar niet meer konden betalen toen de rente weer steeg. Veel bankiers hadden die problemen al aan zien komen en zich tegen wanbetaling verzekerd. Waar die bankiers niet mee gerekend hadden, was dat er zoveel wanbetalers kwamen, dat de verzekeraars niet meer konden betalen en failliet gingen. Zo moesten aan de debet-kant alsnog veel leningen afgeschreven worden en slonk het Eigen Vermogen aan de credit-kant. De solvabiliteit kwam in gevaar. Andere bankiers hadden die riskante hypotheekleningen in pakketjes doorverkocht aan andere banken binnen en buiten de VS. Die kopers hadden zich bij de neus laten nemen en zaten toen met besmette pakketjes leningen die niemand meer van hen wilden kopen. Zo kwamen wereldwijd heel wat banken in problemen en een aantal ging failliet. En omdat de banken van elkaar niet wisten wie er pakketjes hadden gekocht en wie er misschien failliet kon gaan, wilden ze ook elkaar geen geld meer lenen. Normaal doen ze dat dagelijks, wanneer de ene bank aan het eind van de dag nog te goed bij de centrale bank over heeft en de andere bank wat te kort komt. En als banken elkaar niet meer vertrouwen, dan moet elke bank zich maar zien te redden. En dat betekent: zorgen dat er voldoende kasreserve is, dus zo weinig mogelijk uitlenen. En omdat de meeste bedrijven afhankelijk zijn van leningen, komen de bedrijven ook in moeilijkheden. Eerst één voor één en vervolgens met bosjes tegelijk. Crisis.

 

[1] Geheimen van geld, rente en inflatie:  http://www.courtfool.info/nl_Geheimen_van_geld_rente_en_inflatie.htm

[2] liquiditeits-eis Federal Reserve: (sinds 1992) http://www.federalreserve.gov/monetarypolicy/0693lead.pdf

[3] Liquiditeit in Europa: http://www.bportugal.pt/euro/emudocs/bce/eubankingsectorstability2005en.pdf, tabel 16

[4] De 8%  solvabiliteits-eis hebben grote internationale banken met elkaar afgesproken in het Basel I accoord in 1988. Sindsdien is er veel aan gesleuteld. Sinds 2006 geldt het Basel II accoord, met meer eisen aan de samenstelling van het kapitaal, maar ook met meer keuzevrijheid voor de banken hoe ze hun risico’s willen berekenen.

The Basel Capital Accords: http://www.parl.gc.ca/information/library/PRBpubs/prb0596-e.htm

Rekenvoorbeeld Solvabiliteitspercentage:  http://www.rbnz.govt.nz/finstab/banking/regulation/0091769.html#navstart

Voorstel lagere solvabiliteits-eis uit 2004: http://europa.eu/rapid/pressReleasesAction.do?reference=MEMO/04/178&format=HTML&aged=1&language=EN&guiLanguage=en

Meer documentatie:

Bank balans: http://www.amosweb.com/cgi-bin/awb_nav.pl?s=wpd&c=dsp&k=bank balance sheet

Geld, Financiële Markten & Financiële Instellingen, C. van Ewijk & L.J.R. Scholtens (Wolters Noordhoff)

December 2008

 

De auteur is bereikbaar via www.courtfool.info .

Als u wenst, kunt u het artikel kopiëren, doorsturen of publiceren in kranten of op het internet.

Court Fool, 2008, 2009